Taalterm: Lemma

De taal­term van deze week, lem­ma, staat graag vooraan. Maar hij is zek­er geen einzel­gänger: hij heeft vele collega’s die samen met hem mensen de weg wijzen. Het lem­ma is dus heel behulpza­am, maar hij is er wel erg trots op dat hij zijn eigen stekkie heeft.

Definitie

Een lem­ma is een woord aan het begin van een artikel in een woor­den­boek of ency­clo­pe­die. Meestal zijn de lemma’s in een naslag­w­erk alfa­betisch geordend.

In plaats van lem­ma kun je ook de ter­men titel­wo­ord of tre­f­wo­ord tegenkomen.

Bij uit­brei­d­ing wordt vaak ook het hele artikel dat bij een tre­f­wo­ord hoort als “lem­ma” aangeduid.

Veel lemma’s ver­melden in de tekst van hun artikel ook ver­wante woor­den, die soms geen eigen titel­wo­ord kri­j­gen. Zo heeft in de Dikke Van Dale het woord brandweer­auto geen eigen lem­ma; je kunt het vin­den onder het tre­f­wo­ord auto.

Voorbeelden

Hier zie je een kiek­je uit de Dikke Van Dale, met daarin alle lemma’s vetge­drukt aan het begin van hun artikel. In de rechterkolom vind je het lem­ma voor lem­ma!

Etymologie

Dit is een woord van Griekse oor­sprong. De oud­ste beteke­nis is die van “wiskundi­ge hulp­stelling”, maar vanaf het mid­den van de 19e eeuw is ook de beteke­nis “tre­f­wo­ord in een naslag­w­erk” opgetekend.

  • lem­ma (iets wat genomen wordt, iets wat gegeven is), van lam­banein (nemen)

Weetje

In een woor­den­boek vind je in een lem­ma de betekenis(sen) van het tre­f­wo­ord, maar vaak ook aan­vul­lende infor­matie. Denk bijvoor­beeld aan de meer­voudsvorm of verklein­vorm, de uit­spraak, de ver­voeg­in­gen van een werk­wo­ord, de ety­molo­gie en de manier van afbreken aan het eind van een tekstregel.

Bonus-weet­je:
Een lem­ma is niet het­zelfde als een lex­eem. Een lem­ma kan wel een lex­eem zijn, maar dat hoeft niet. Kijk snel in deze Taal­term van de week voor meer informatie.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *