Taaleidoscoop krijgt een time-out

Trouwe lez­ers zullen het in de afgelopen peri­ode hebben gemerkt: de fre­quen­tie en regel­maat waarmee de vertrouwde taalver­halen hier ver­sch­enen, haperde. Daar is een reden voor. En dat is ook waarom ik – voor het eerst in de geschiede­nis van deze blog, vol­gens mij – een stuk schri­jf dat niet gaat over taal, maar over Taalei­doscoop zelf.

Verder lezen Taalei­doscoop kri­jgt een time-out

Taalterm: Zwerfwoord

De taal­term van deze week, zwer­f­wo­ord, is niet echt honkvast. Zijn reis­lust is nogal bewon­derenswaardig – zozeer zelfs dat hij soms niet eens meer weet waar die reis ook alweer was begonnen. Maar hij is ook heel flex­i­bel en past zich graag aan aan de lokale cul­tu­ur en gewoon­ten. Hij ziet zichzelf dan ook graag als een echte wereldburger.

Verder lezen Taal­term: Zwerfwoord

Taalterm: Consonantie

De taal­term van deze week, con­so­nantie, is niet zo van de losse flod­ders. Als je iets doet, vin­dt hij, dan moet je het goed doen en dan moet je het vaak doen. Nou hoeft dat niet meteen enorm op te vallen; je mag best sub­tiel zijn. Maar als je echt je best wilt doen, dan mag je dat ook wel aan de wereld lat­en zien.

Verder lezen Taal­term: Consonantie

Een fijn persoon vs. een fijne persoon

In som­mige gevallen kun je de verbuigings‑e bij een bijvoeglijk naam­wo­ord weglat­en in com­bi­natie met het lid­wo­ord een. Dat is het ver­schil tussen “een fijne per­soon” en “een fijn per­soon”, of “een bril­jante schak­er” en “een bril­jant schak­er”, etc. Wan­neer kun je die -e weglat­en, en maakt dat nog iets uit voor de beteke­nis? We zoeken het uit!

Verder lezen Een fijn per­soon vs. een fijne persoon