Het is alweer een tijdje geleden dat ik in deze podcast een fascinerend gesprek hoorde over het internet. Ik ben geen techneut en ik kan het niet allemaal navertellen, maar het ging over de aard van informatienetwerken en hoe robuust die wel of niet zijn, en waarom.
Een van de sprekers floepte er in dat gesprek terloops een zinnetje uit dat ik meteen heb opgeschreven en dat sindsdien op een Post-It aan mijn monitor hangt, als herinnering om er nog even op door te filosoferen.
The Internet has no metabolism because there is no friction in the system.
Het hele idee dat een digitaal systeem een metabolisme zou kunnen hebben was nog nooit in me opgekomen, dus dit zette me meteen aan het denken. Over de vertakkingen van deze notie in IT-termen laat ik me niet uit, daar ben ik veel te veel alfa voor. Maar toch riep deze stelling allerlei vragen op. Wat is een metabolisme eigenlijk? Heb je daar inderdaad frictie voor nodig? Wat betekent de afwezigheid van frictie voor zo’n systeem?

Een duik in Wikipedia leerde me dat een metabolisme een serie chemische reacties is in een organisme, waarmee het leven van dat organisme in stand gehouden wordt. Maar hoe dan? Het Nederlandse synoniem stofwisseling geeft dat heel beeldend weer: er wordt iets met stoffen gewisseld.
Om dat te verduidelijken moet je weten dat elk metabolisme bestaat uit twee delen: het katabolisme en het anabolisme. Voor alle duidelijkheid: jouw lichaam is dus, nu terwijl je dit leest, aan het kataboliseren en anaboliseren! Een opbeurende gedachte.
Je katabolisme breekt de voedingsstoffen die net hebt gegeten af om er energie uit te oogsten. Je anabolisme gebruikt die energie om nieuwe stoffen aan te maken, zoals eiwitten en DNA. Ziedaar de stofwisseltruc. En ineens snapte ik ook waarom de in de sport beruchte anabole steroïden anabole steroïden zijn. Het zijn stofjes die het anabolisme versterken, in dit geval om de aanmaak van spierweefsel te bevorderen.
Maar ja… heeft het internet nou een metabolisme? Niet dus, volgens deze podcast. Zou het überhaupt kunnen? Misschien, maar ik snap wel dat je daar “frictie” voor nodig hebt. Want je kunt dingen niet afbreken en weer opbouwen zonder een vorm van interactie, en interactie impliceert contact, wrijving. Vooralsnog “verteert” het internet geen informatie, het verplaatst het alleen van A naar B. Maar stel je voor dat dat wel zo zou zijn, dan wordt het Net een soort organisme. Met een metabolisme. Gaat het daarmee dan ook “leven”? Het zijn interessante vragen op het raakvlak van filosofie en techniek. Terwijl ik daarover doordenk, metaboliseer ik nog even een koekje bij de thee…
Wat bij dit verhaal in me opkomt, is het spreekwoord: zonder wrijving geen glans. Misschien bedoelde de auteur ook zoiets: op internet ontbreekt vaak de interactie tussen auteur en lezers. Een artikel wordt gepost; en er kunnen dan nog zoveel comments onder aan toegevoegd worden, de auteur zal ze zelden lezen, laat staan zijn artikel er op aanpassen. Hierdoor ontbreekt wat er in een live discussie vaak ontstaat: zoiets als overeenstemming.
@Pieter Een leuke observatie, en ik denk dat je gelijk hebt. Het volume van informatie op het net is zo groot, en de mogelijkheden om die informatie uit te wisselen en te becommentariëren ook, dat de capaciteit van een mensenbrein en de 24 uur in de dag niet volstaan om het te behappen. Veel van wat wij nu zo graag zien als “sociale” interactie is eigenlijk een mozaïek van parallelle individualiteiten.