De schwalbe van Eugene

Ken je Eugene Goost­man? Goede kans dat je nog nooit van hem geho­ord hebt, maar toch is hij een kleine beroemd­heid. Nou ja, voor even dan. In bepaalde krin­gen. En dan ook nog eens onterecht.

Wie is deze beste knul? Eugene is een 13-jarige jon­gen uit Odessa in de Oekraïne. Hij is een tiener als alle andere. Zijn vad­er heeft een goede baan (als gynae­coloog), en hij heeft een cavia als huis­di­er. Er is alleen één dinget­je. Eugene bestaat niet.

Eugene Goost­man is de naam die zijn ontwikke­laars hebben gegeven aan een chat­bot – een com­put­er­pro­gram­ma dat net doet alsof het een mens is en zo een gesprek met je voert. Of: probeert te voeren. Denk aan Anna, de virtuele assis­tente op de IKEA-web­site; of Bil­lie, het hulp-man­net­je van bol.com. Je zult miss­chien al uit ervar­ing weten dat “prat­en” met zo’n chat­bot een alles­be­halve vanzelf­sprek­ende ervar­ing is.

Billie is de weg kwijt
Bil­lie is de weg kwi­jt

Eugene Goost­man geeft Anna en Bil­lie vanaf vorige maand het nakijken, want hij is het eerste soft­ware­pro­gram­ma dat ges­laagd is voor de Tur­ingtest. Nou ja… zijn mak­ers zeggen dat hij ges­laagd is voor die test, maar daar valt wat op af te din­gen. Lees verder De schwalbe van Eugene

Wazzeggu?

Stel je het vol­gende gesprek voor.

A: “Zeg.”
B: “Ja?”
A: “Ik wil je wat vertellen.”
B: “Oké.”
A: “Maar eerst moet jij mij wat vertellen.”
B: “Oh. Wat?”
A: “Dat weet ik niet. Iets.”
B: “Iets? Wat dan?”
A: “Kan me niet sche­len. Wat dan ook. Maar dat moet.”
B: “Waarom in god­snaam?”
A: “Anders kan ik jou niets vertellen.”
B: “Wat?”
A: “Pre­cies zoals ik het zeg.”
B: “Maar ik héb jou niks te vertellen.”
A: “Jam­mer dan. Hoor je ook niet wat ik jou wilde zeggen.”
B: “Nou moe!”

Wat is hier aan de hand?

Lees verder Wazzeg­gu?

Hup Vernederland!

Aan de vooravond van het afgelopen week­end, het zal je miss­chien zijn opgevallen, heeft het Ned­er­lands elf­tal op het WK voet­bal een wed­stri­jd gespeeld tegen titelverdedi­ger Span­je. De uit­slag loog er niet om: 1-5 ten nadele van de regerend wereld­kam­pi­oen. Er waren par­elt­jes, er waren juweelt­jes, er waren gouden momenten.

Vernederend...
Verned­erend...

Eén (taal)pareltje ontstond niet op het veld tij­dens de match, maar daar­na, in de bericht­gev­ing. Er was een zin­net­je dat in de pers steeds weer terugk­wam, van links­buiten tot rechtsvoor, van de spits tot in de achter­hoede: Ned­er­land verned­ert Span­je.

In die ene uit­spraak zit een prachtig een-tweet­je ver­pakt. Je hebt hem vast al gezien, maar voor alle zek­er­heid vol­gt hier even de her­hal­ing in slow motion: “Ned­er-land ver-ned­er-t Span­je”. Is het niet een schit­terende com­bi­natie?

Eerst even de droge kost. Het ned­er in land­snaam en werk­wo­ord is ver­want, en is een vor­m­vari­ant van neer. (Denk ook aan led­er-leer en wed­er-weer.) In bei­de gevallen doet het woord dus iets met het idee van “laag” of “naar bene­den”.

Lees verder Hup Verned­er­land!

‘De’ geeft geen Krim(p)

Met de recente aan­dacht voor de Rus­sis­che mil­i­taire manoeu­vres aan de Zwarte Zee is ook een inter­es­sant taalfenomeen weer boven komen dri­jven. Want het schierei­land waar het alle­maal om te doen is heet de Krim. De Krim. En de Krim ligt in de Oekraïne. Of toch in Oekraïne?

Landkaart De Krim
Eén "de" is verd­we­nen, de andere (nog) niet

Het gebruik van het bepaald lid­wo­ord – de of het – in geografis­che namen is een taalvorm met een lange staat van dienst. Er zijn dan ook voor­beelden te over: de Veluwe, het Verenigd Koninkrijk, de Libanon, de Con­go. Als je die eerste twee voor­beelden wel oké vin­dt klinken maar de laat­ste twee nogal oud­er­wets, dan ben je niet alleen. De trend is om deze lid­wo­or­den steeds meer weg te lat­en. Maar alleen in bepaalde gevallen.

Lees verder ‘De’ geeft geen Krim(p)

Oost, west, rift best

Het was het onwerke­lijke, intrigerende plaat­je dat mijn aan­dacht naar dit ver­haal trok, maar bij nadere inspec­tie bleek er ook nog een taalver­rass­ing in te zit­ten. Kijk eerst even naar deze alter­natieve ver­sie van onze aard­bol.

Wat een riftje meer of minder al niet vermag...
Wat een rift­je meer of min­der al niet ver­mag...

Je herkent hem wel, maar je ziet ook meteen dat er iets niet klopt: een stuk Afri­ka zit aan de ver­keerde kant van de Atlantis­che Oceaan. Deze aarde-maar-dan-anders stond gis­teren in de NRC. Het artikel legt uit dat dwars door de Sahara een schei­d­sli­jn in de aard­ko­rst loopt die tot een splits­ing van het con­ti­nent had kun­nen lei­den, maar dat niet heeft gedaan.

Lees verder Oost, west, rift best

Winterspelletjes

Mijn favori­ete Win­ter­spe­len­mo­ment kwam nadat Ned­er­land voor de derde keer het podi­um bezette met schaat­sers die goud, zil­ver én brons in de wacht sleepten. In de krant stond toen dat dit heel bij­zon­der was, want “Ned­er­land is het eerste land met drie clean sweeps op één Win­ter­spe­len”.

De derde clean sweep op... één Winterspelen?
De derde clean sweep op... één Win­ter­spe­len?

Maar wacht even. Eén Win­ter­spe­len? Dat is een raar taal­beestje: een woord dat over­duidelijk een meer­voudsvorm is en toch samen optrekt met het tel­wo­ord één. Je kunt niet op een zin­nige manier spreken over één bomen, één drop­jes of één plan­eten – dat is taalkundig onjuist en het voelt ook ron­duit onl­o­gisch. Hoe­zo dan toch die ene Win­ter­spe­len?

Olymp­is­che Spe­len is zo’n term die weliswaar meer­voudig is, maar toch gezien wordt als één geheel – net als verkiezin­gen bijvoor­beeld. Miss­chien voelt het daarom alsof je er één van kunt hebben. Maar in de relatie met andere woor­den zijn dat soort ter­men toch echt een meer­voud. Olymp­is­che Spe­len zijn een inter­na­tion­aal spek­takel; verkiezin­gen wor­den gehouden; de Win­ter­spe­len waren dit jaar in Sot­sji.

Je ziet het ook als je het woord Win­ter­spe­len op een andere manier gebruikt. Neem bijvoor­beeld de vol­gende zin: Er zijn vier Win­ter­spe­len in de Verenigde Stat­en gehouden. Het kan aan mij liggen, maar ik vind die zin (hoewel hij gram­mat­i­caal hele­maal klopt) een beet­je raar klinken. Ik zou eerder zeggen: De Win­ter­spe­len zijn vier keer in de Verenigde Stat­en gehouden. “Spe­len” voelt in deze con­text niet echt als een tel­baar woord.

Lees verder Win­ter­spel­let­jes