Blog

  • Graftombe

    Graftombe

    Deze week geniet ik lekker van een vakantie aan de Egeïsche Zee. Maar ook daar valt er genoeg te zien door de Taaleidoscoop. Het hotel waar ik verblijf, bijvoorbeeld, is in de buurt van Bodrum.

    Nou heeft de naam “Bodrum” niet meteen een stempel gedrukt op het Nederlands. Maar je komt al een stapje dichterbij als je weet dat deze stad a meer dan drieduizend jaar bestaat en in de antieke wereld bekend stond als Halicarnassus.

    En zoals menigeen weet was het Mausoleum van Halicarnassus een van de zeven wereldwonderen in de klassieke oudheid. Het werd gebouwd rond 350 v.Chr. We weten niet precies meer hoe het Mausoleum eruitzag, want het werd verwoest bij een serie aardbevingen, maar dat was nadat het al meer dan anderhalf millennium overleefd had.

    (meer…)

  • Uruguayaans eitje

    Uruguayaans eitje

    Voor iedereen die niet in een coma ligt is er geen ontkomen aan: het Nederlands elftal speelt vanavond in Zuid-Afrika tegen Uruguay de halve finale van het wereldkampioenschap voetbal.

    Eitje...?
    Eitje…?

    Een van de Oranjefans die ik op tv langs zag flitsen gaf gisteren zijn analyse ten beste aan een Engelstalige interviewer. De wedstrijd wordt: “An egg! Tomorrow is going to be an egg! A soft egg. Een eitje.”

    Een interessante beschouwing die waarschijnlijk lichtelijk werd beïnvloed door het alcoholpromillage van de deskundige. Maar mijn aandacht had hij wel. Wat een prachtig staaltje beschonken Nederengels! Ik zie het gedachteproces al helemaal voor me.

    De goede man liep vrolijk op straat en krijgt ineens de vraag, in het Engels, wat hij verwacht van de partij tegen Uruguay. Eitje! denkt hij. Maar ja, hoe zeg je dat zo snel in het Engels?

    (meer…)

  • Kinky konkel

    Kinky konkel

    Vanochtend had besteedde elk tv-nieuwsprogramma aandacht aan de dood van horecaondernemer Sjoerd Kooistra. In het NOS Journaal van 8 uur legde Marieke de Vries uit dat de kroegmagnaat een conflict had met bierbrouwer Heineken. Jarenlang hadden ze samengewerkt, maar, zo zei De Vries, “blijkbaar is er een zware kink in die kabel gekomen, in de relatie met Heineken”.

    “… een zware kink…”

    Dat er een spreekwoordelijke kink in de kabel kan zitten, prima. Maar of die kink ook zwaar kan zijn? Ik betwijfel het.

    (meer…)

  • Barbaars

    Barbaars

    Vorige week is bekendgemaakt dat wetenschappers in Roemenië zeer oude grottekeningen hebben ontdekt. Ze zijn ergens tussen de 23.000 en 35.000 jaar oud, en dateren dus van het prilste begin van de menselijke beschaving.

    Rotswandtekening

    Zo’n achteruitkijkspiegel van enkele tienduizenden jaren klinkt als héél veel tijd. Maar als je het omrekent met als meetlat de spanne van wieg tot graf, dan zijn het maar enkele honderden mensenlevens achter elkaar. In die tijd zijn we gegaan van een neushoorn op een rotswand tot de iPhone 4. Dat stemt tot nadenken.

    Al denkende kwam ik uit bij het woord barbaar. Naarmate de menselijke samenlevingen zich verder ontwikkelden, groeide het besef dat andere groepen ook andere culturen hadden. Een andere taal, andere gewoontes en regels, een andere geschiedenis.

    (meer…)
  • Broodje ongeïnteresseerd

    Broodje ongeïnteresseerd

    In het Nederlands is de genitief (de bezittelijke vorm) niet voor iedereen even helder. Waarom krijgt Katja’s jurk een apostrof, maar Jannekes jurk niet? Niet iedereen denkt bij Hans auto aan de wagen van Han of schrift Hans’ auto voor de bolide van Hans. Waarom oogt Australiës achterland toch een beetje raar, net als Josés vakantieplannen? Willy’s voorstel en Roys ontwerp zijn allebei correct, maar dat voelt wat onwennig en tegenstrijdig.

    Toch zijn de regels in het Nederlands redelijk rechttoe, rechtaan – zelfs al druisen de uitvloeisels daarvan soms tegen je intuïtie in. De bezittelijke -s plakt vast aan het voorgaande woord, tenzij er uitspraakverwarring ontstaat.

    In het Engels zijn de regels zo mogelijk nog simpeler. Daar plaats je altijd een apostrof-s, tenzij het woord in het meervoud staat en op een s eindigt, of een naam uit de klassieke oudheid is (in beide gevallen gebruik je dan alleen een apostrof). Voorbeelden zijn John’s mother en Douglas’s brother; the boys’ classmates en the Jacksons’ house; en Zeus’ thunderbolts.

    (meer…)

  • En de kleine heet…

    En de kleine heet…

    Ik heb er een nieuwe hobby bij. Voorlopig even dan, als spielerei. Misschien is het omdat de Taaleidoscoop onlangs al keek naar voornamen. Of misschien is het omdat de voornamenbank van het Meertens Instituut vorige week online is gegaan.

    Hoe dan ook, deze nieuwe hobby van mij behelst het zoeken naar modevoornamen die terug te voeren zijn op een celebrity. Het is verbluffend hoe makkelijk dat is, en al even verbazend hoe nauwkeurig de link soms te leggen is.

    Jamai & Jim
    Jamai & Jim

    Ik geef je een voorbeeld. Zoek in de databank de naam Jamai op. Je zult zien dat die naam vanaf 2003 ineens in zwang is geraakt. (Nou ja, zes kinderen per jaar is misschien geen echte zwang, maar toch.) Nu mag je één keer gokken in welk jaar Jamai Loman zijn intrede deed als BN’er, toen hij Idols won? Juist: 2003.

    Nog zo een. Georgina Verbaan werd in 1997 gelanceerd als Hedwig Harmsen in Goede tijden, slechte tijden. Over haar acteerprestaties kan je van mening verschillen, maar het lijkt wel duidelijk dat zij ervoor verantwoordelijk is dat “Georgina” zich vanaf 1998 ineens in een enorme populariteit mag verheugen.

    (meer…)
  • Goed gezien!

    Goed gezien!

    Er zijn van die uitdrukkingen die je zo nu en dan langs ziet komen, maar waarvan je niet precies weet waar ze vandaan komen. Ik had dat onlangs toen ik in een Engelse tekst de term 20/20 vision gebruikte.

    Je hebt deze vast wel eens gehoord in een film of op tv. Iemand met 20/20 vision heeft een goed gezichtsvermogen. Maar wat is die twintig-twintig toch? Ik wist het niet, en dus ging ik zoeken. En tot mijn verbazing blijkt er in dit taalverhaal een stevige Nederlandse component te zitten!

    (meer…)

  • Een paar dozijn woorden

    Een paar dozijn woorden

    Winkels doen hun uiterste best om etalages in te richten die er aantrekkelijk uitzien. Met een mooie etalage haal je immers klanten binnen en dat betekent omzet en dat betekent overleven. Voor de meeste detailhandelaren is een fraaie etalage een simpele darwinistische noodzaak.

    Wat is het dan leuk om te ontdekken dat een winkel zich soms van zijn beste kant laat zien – niet aan de voorkant, maar juist aan de achterkant.

    De aanleiding voor deze overpeinzing was een wandeling die ik maakte door de stad. Ik liep langs een gevel die de achterkant bleek te zijn van winkelgalerij. De deuren die elkaar in een geruststellend metrum opvolgden waren allemaal de achteringangen van de winkels. Hier een drogist, daar een boekhandel, en dan weer een sportzaak. Al deze ingangen waren even saai als onooglijk, met hoogstens een klein plakaatje met de naam van de firma ernaast. Beslist geen etalages dus.

    (meer…)