Taalterm: Dysfemisme

De taal­term van deze week, dys­femisme, wil graag dat de bood­schap luid en duidelijk overkomt. Met sub­tiliteit­en hoef je bij hem niet aan te komen. Sterk­er nog, hoe hard­er de stomp die een woord kan uit­de­len, hoe beter.

Definitie

Als je gebruik­maakt van een dys­femisme, ver­vang je een neu­traal woord door een term die opzettelijk grof, onaan­ge­naam of beledi­gend is.

Voorbeelden

  • Jouw baas is wel snel op zijn pik getrapt, zeg!
  • Het ver­baast me dat een vleeskeur­ing zoals ‘Miss Uni­verse’ niet al lang is afgeschaft.
  • Som­mige veg­an­is­ten noe­men eieren ‘de men­stru­atie van de kip’, ter­wi­jl een kip hele­maal niet kán menstrueren.

Etymologie

Dit is een mod­erne taal­term die eind 19e eeuw ontstaan is, maar de bouw­ste­nen komen uit het antieke Grieks:

  • dus- (slecht, abnor­maal) + pheme (spreken, spraak)

Weetje

Je had het miss­chien al gezien: een dys­femisme is het tegen­overgestelde van een eufemisme.

Net als eufemis­men komen dys­femis­men vaak voor bij betekenis­sen die omgeven wor­den door een sfeer van taboe, zoals seks (de liefde bedri­jven vs. neuken), de dood (heen­gaan vs. de pijp uit­gaan), poepen en plassen (een grote bood­schap vs. schi­jten), etc.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Comments
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties