Taalterm van de week: Pseudepigraaf

De taal­term van deze week, pseude­pigraaf, heeft een beet­je een iden­titeitscri­sis. Hij weet wel wie hij is, maar soms weet hij dat ook niet zo zek­er meer; soms doet hij alsof hij iemand anders is, en dan weer vraagt hij zich af: ben ik het miss­chien toch? Helaas voor de pseude­pigraaf: het juiste antwo­ord zal hem vaak alti­jd bli­jven ontgaan…

Definitie

Een pseude­pigraaf is een tekst die aan iemand anders dan de auteur is toegeschreven. Met andere woor­den: men zegt dat per­soon A de schri­jver is, maar eigen­lijk is per­soon B de auteur.

We hebben het dan meestal over tek­sten uit de oud­heid, waar­van het soms moeil­ijk vast te stellen is wie de werke­lijke schri­jver was. Die ver­war­ring kan op meerdere manieren ontstaan:

  • De echte auteur was onbek­end of onduidelijk, en his­tori­ci dacht­en dat de tekst van de hand van per­soon A was, ter­wi­jl uit lat­er onder­zoek blijkt dat hij toch door per­soon B is geschreven.
  • De echte auteur of auteurs van de tekst zijn niet meer te trac­eren, maar het doc­u­ment wordt gemak­shalve toch toegeschreven aan één “schri­jver”.
  • De echte auteur wilde zijn tekst een grot­er bereik geven door net te doen alsof hij door iemand geschreven was die veel beroemder was – een bek­ende heers­er of filosoof bijvoorbeeld.

Pseude­pigrafen kun­nen dus te goed­er en te kwad­er trouw ontstaan.

Voorbeelden

  • In het Nieuwe Tes­ta­ment is de tekst van de vier evan­geliën over de loop van meerdere eeuwen verza­meld, bew­erkt en samengesteld door tal­loze gelovi­gen. De vier tek­sten zelf wijzen ook geen auteur aan. Maar gemak­shalve wor­den ze toegeschreven aan de evan­ge­lis­ten Mattheüs, Mar­cus, Lucas en Johannes.
  • De Home­rische hym­nen vor­men een verza­mel­ing lofliederen, geschreven tussen 650 en 400 v.Chr., die in de oud­heid onterecht aan de dichter Home­rus wer­den toegeschreven. Maar zelfs de bek­ende werken die van­daag nog steeds Home­rus’ naam dra­gen – de Ilias en de Odyssee – zijn waarschi­jn­lijk pseude­pigrafen, omdat de schri­jver die we “Home­rus” noe­men ver­moedelijk niet één enkele auteur was.

Etymologie

Tekst

  • pseu­do–  (van pseudes, “vals”) + epigraphe (naam, toeschrijving)

Weetje

De term pseude­pigraaf komt ook voor de Bij­bel­weten­schap. Vaak ver­wi­jst het naar Joodse religieuze geschriften die zijn ontstaan in de peri­ode rond het lev­en van Jezus (tussen pak­weg 300 v.Chr. en 300 na Chr.) en die niet opgenomen zijn in de canon van de chris­telijke Bijbel. 

En je zag hier­boven al dat er meerdere andere Bij­bel­boeken zijn die aan één auteur wor­den toegeschreven, ter­wi­jl ze door ver­schil­lende of zelfs totaal andere mensen geschreven zijn.

Bonus-weet­je
Een tekst die onder een pseudoniem is gepub­liceerd is géén pseudepigraaf!

Wat vind jij?