Teveel vs. Te veel

Je kunt nooit teveel TaalTips lezen! Eh… of is het: je kunt nooit te veel TaalTips lezen? Al sprek­end let je niet op dat ver­schil in spelling, want je hoort het niet. Maar als je de zin opschri­jft, moet je kiezen. Wat is goed?

Waar hebben we het over?

Veel Ned­er­landse taalvra­gen gaan over het wel of niet aan elka­ar schri­jven van woor­den. Dit is er ook zo een. Zow­el “te veel” als “teveel” zijn goed Ned­er­lands – maar ze beteke­nen iets anders, dus je moet wel oplet­ten.

Betekenis en gebruik

Dit is het ver­schil:

  • Teveel is een zelf­s­tandig naam­wo­ord dat het­zelfde betekent als over­schot
  • Te veel is een com­bi­natie van woor­den die een over­maat aan iets beschri­jft

Voorbeelden

  • Een teveel aan ibupro­fen kan je maagk­lacht­en geven.
  • Ik neem alti­jd te veel boeken mee op vakantie.
  • Het teveel aan ansjo­vis maakt dit gerecht ons­make­lijk; deze chef is duidelijk te veel op de culi­naire toer.

Even opletten

Je merkt miss­chien al dat teveel als zelf­s­tandig werk­wo­ord je een beet­je vreemd in de oren klinkt. Het wordt dan ook niet vaak gebruikt. In veel gevallen zou je eerder kiezen voor over­daad, overvloed of een ander alter­natief. Je kunt dus in bij­na alle twi­jfel­gevallen beter voor te veel gaan.

Weetje

Ezels­brugget­je: net als te veel schri­jf je ook te weinig met twee woor­den. Als je in een zin de eerste uit­drukking door de tweede kunt ver­van­gen (ook al wordt de beteke­nis soms onzin­nig), dan is te veel dus de juiste keuze – en dat geldt ook voor de frase “veel te veel”.

En: net als teveel schri­jf je teko­rt als één woord. Daar kun je dus dezelfde vuistregel voor gebruiken!

Wat vind jij?