People vs. peoples

Om het eerste gezicht zou je misschien denken dat het woord peoples fout moet zijn. Want people ís toch al meervoud? Dan hoef je daar dus geen extra -s aan vast te plakken. Maar het woord peoples bestaat wel degelijk – het betekent alleen iets anders.

Waar hebben we het over?

Soms hebben twee woorden precies dezelfde spelling (zie: homograaf), terwijl een ervan een enkelvoud is en de andere een meervoud. Dan is het goed om even extra op te letten, zodat je ze netjes uit elkaar houdt.

Betekenis en gebruik

  • People is het meervoud van person en betekent “personen”, “mensen”.
  • Peoples is het meervoud van people (“volk”) en betekent “volkeren”, “stammen”, “staten”.

Voorbeelden

  • Were there many people at Mary’s birthday party?
  • The Dutch are generally known as a tolerant people.
  • Some people believe that there are still undiscovered indigenous peoples in the Amazon forest.

Even opletten

Er is een grijs gebied waarin people ergens tussen enkelvoud en meervoud in zit. Om te snappen hoe dat zit, kijken we eerst even naar een verschil tussen Brits-Engels en Amerikaans-Engels.

Zogenaamde “collectieve zelfstandig naamwoorden” zijn grammaticaal enkelvoudig, maar verwijzen naar een groep mensen. Denk aan woorden als government, team en police. In het Amerikaans-Engels wordt daarbij het werkwoord meestal verbogen als enkelvoud; in het Brits-Engels kiezen ze juist meestal voor het meervoud.

Kijk maar:

  • Amerikaans-Engels:
    The government has set up a policy team that monitors how the police performs during calamities.
  • Brits-Engels:
    The government have set up a policy team that monitor how the police perform during calamities.

En dan nu terug naar people. In een frase als the French people is dat strikt genomen een enkelvoud: je hebt het over het Franse volk. Toch zetten zowel de Amerikanen als de Britten daar meestal het werkwoord in het meervoud bij.

Een voorbeeld: In yesterday’s elections, the French people have spoken. Je zou dus kunnen zeggen dat de betekenis van the French people in zo’n geval ergens bungelt tussen “het Franse volk” (enkelvoud) en “de mensen in Frankrijk” (meervoud).

Weetje

In het Nederlands hebben we een people/peoples-achtige situatie met de woorden kussen (meervoud van kus) en kussens (meervoud van kussen).

Kan jij nog meer voorbeelden verzinnen?

Wat vind jij?