Eruit zien vs. Er uitzien

Als je schri­jft “Deze cake ziet er goed uit”, is er niks aan de hand. De drie delen er+uit+zien staan los van elka­ar. Maar hoe zit dat met “Ik vind dat het ver­slag er goed uit+ziet” of “Hoe ziet mijn auto er+uit?”… schri­jf je die woor­den dan aan elka­ar of los?

Waar hebben we het over?

Je moet soms even door­denken om te zien of je er en een voorzetsel aan elka­ar schri­jft of niet. In “Wat vin­dt jij ervan?” zijn er+van één woord. Maar in “Ik kom er van tevoren nog op terug” schri­jf je ze juist los, omdat van tevoren als vaste uit­drukking een geheel vormt. Je moet dus goed oplet­ten welke woord­de­len bij elka­ar horen.

Betekenis en gebruik

De opties in de titel van deze TaalTip zijn een beet­je mis­lei­dend, want ze zijn alle­bei fout. Dit is wat je moet onthouden:

  • Het hele werk­wo­ord is eruitzien – als één woord geschreven!

De regel is: schri­jf bij dit werk­wo­ord de twee of drie delen alti­jd aan elka­ar zolang ze in de orig­inele vol­go­rde (er-uit-zien) op elka­ar vol­gen.

Voorbeelden

Je kunt eruitzien op aller­lei manier opknip­pen:

  • Hij zegt dat het menu er goed uitzi­et.
  • Het vakantiepark ziet er prachtig uit.
  • Hoe zien onze kansen eruit?

Even opletten

De regel dat je eruitzien als één woord spelt, geldt ook voor de ver­voeg­in­gen van het werk­wo­ord waarin er+uit+zien op elka­ar vol­gen:

  • Hoe vind je dat mijn tuin eruitzi­et?
  • Wat een prachtige trouwjurk! Je hebt nog nooit zó mooi eruit­gezien
  • Hoe vond jij dat de jaar­ci­jfers eruitza­gen?

Weetje

Je hebt ook het werk­wo­ord uitzien, zon­der er-. Dat betekent “ver­lan­gend afwacht­en”, zoals in de zin­nen “Ik zie uit naar de zomer­vakantie” en “Ik weet zek­er dat jul­lie ook naar de pre­mière uitzien”.

Wat vind jij?