Emigreren vs. immigreren

Zow­el bij emi­gr­eren als bij immi­gr­eren gaat het om het pakken van de kof­fers voor een grote een­richt­ingsreis. Maar welke kant gaat de reis op, wat was de aan­lei­d­ing voor de ver­huiz­ing, en waarom lijken deze twee woor­den zoveel op elka­ar? Alles komt aan bod, dus lees snel verder!

Waar hebben we het over?

Met de juiste pre­fix­en kun je het­zelfde start­wo­ord omtov­eren tot een set­je per­fecte (en reis­lustige) tegenovergestelden.

Betekenis en gebruik

  • Emi­gr­eren is een land voor­goed ver­lat­en om in een ander land te gaan wonen.
  • Immi­gr­eren is je voor­goed ves­ti­gen in een land, komend uit een ander land.

Zoals je ziet zijn emi­gratie en immi­gratie keerz­i­j­den van dezelfde medaille. Een en dezelfde per­soon is, als hij verkast naar een ander land, én een emi­grant (gezien vanu­it het land van vertrek) én een immi­grant (gezien vanu­it het land van aankomst).

Voorbeelden 

  • Klaas heeft werk in New York gevon­den, dus we gaan bin­nenko­rt emi­gr­eren.
  • De Verenigde Stat­en zijn een echt immi­gratieland, waar mensen uit alle wind­streken naar­toe ver­huisd zijn.
  • Als emi­grant kun je je beter goed voor­berei­den op de cul­tu­ur van je nieuwe thuisland.

Even opletten

In zow­el emi­gr­eren als immi­gr­eren zie je het­zelfde stam­wo­ord terug: migr­eren. Dat stamt af van het Lati­jnse woord migrare, dat “zich van de ene naar de andere plaats begeven” betekent. 

Het voor­voegsel e- in emi­gr­eren is ver­want aan ex- en betekent “uit, naar buiten”; het voor­voegsel im- in immi­gr­eren is ver­want aan in- en betekent “in, naar binnen”.

Het woord migr­eren zelf is ook in volop gebruik, maar heeft geen inher­ent gevoel van richt­ing. Het kan slaan op per­so­n­en, maar ook op hele bevolk­ings­groepen (meestal in een his­torische con­text) en op dieren (denk aan trekvogels).

De term migrant heeft een beet­je een gebruik­saan­wi­jz­ing. Het kan vol­gens het woor­den­boek heel neu­traal “ die naar een an­de­re streek of een an­der land ver­huist” beteke­nen. Maar vak­er zie je het als alter­natief voor “gas­tar­bei­der” of “economis­che vluchtel­ing”, meestal met een negatieve bijsmaak.

Ook het woord immi­grant heeft inmid­dels soms een nare con­no­tatie. Vaak ver­wi­jst het naar laaggeschoolde per­so­n­en die niet alti­jd even graag gezien zijn in hun nieuwe ves­tig­ings­land. Voor buiten­lan­ders die hoogopgeleid en wél welkom zijn, zul je vak­er het leen­wo­ord expat tegenkomen – maar let op: die term wordt ook gebruikt voor mensen die tijdelijk in een buiten­land ges­ta­tion­eerd zijn. (En iro­nisch genoeg is het woord expat zelf dus weer een immi­grant in het Nederlands.)

Weetje

Het woord emi­gr­eren heeft nog een andere, meer spec­i­fieke betekenis. 

In veel gevallen zullen mensen die verkassen naar een ander land daar vri­jwillig voor kiezen – bijvoor­beeld omdat ze zich bij fam­i­lie willen voe­gen die daar al woont, of omdat ze er een baan hebben gevon­den. Maar het kan ook zijn dat iemand zijn eigen land om poli­tieke of religieuze rede­nen ver­laat en daarom uitwijkt naar een nieuw thuis. Ook dat noem je emi­gr­eren.

Bij dit soort ide­ol­o­gisch gedreven uitwijk-emi­gr­eren kun je spreken van een “emi­grant”, maar ook van een emi­gré.

Wat vind jij?