Chimpansee

Een col­le­ga stapte op me af met een gezicht dat stond op 50% schater­lach en 50% veront­waardig­ing. En achter­af snap ik wel waarom.

In haar hand hield ze een for­muli­er dat ging over een andere col­le­ga, die zich nog de dit­jes en dat­jes van de Ned­er­landse taal en cul­tu­ur eigen aan het mak­en is. Het ogen­schi­jn­lijke doel van het gewraak­te for­muli­er was, denk ik, om een momen­top­name te mak­en van de voort­gang van col­le­ga num­mer twee op het nobele pad naar een vol­waardig geïn­te­greerd pold­er­lan­der­schap.

De instantie die dit alle­maal bestiert is vol­gens mij het min­is­terie van WWI (Won­ing, Wijken en Inte­gratie), en het zin­net­je dat col­le­ga één op het for­muli­er aan­wees sprak al boekde­len over hun men­tal­iteit. Ik citeer: “Heeft de inburg­er­aar Ned­er­lands gepraat?” En dan zo’n fijn ja/nee-blok­je waar je je antwo­ord in kunt vullen.

Lees verder Chim­pansee

Puken

Als je een nieuwt­je hoort dat je enigszins ver­baast, dan zet je daar als recht­geaarde scep­ti­cus zo je vraagtekens bij. Maar als je datzelfde nieuwt­je daar­na nog een keer, uit andere bron, hoort -- tja, dan ga je toch twi­jfe­len.

Zoi­ets overk­wam mij met het woord kot­sen.

Het begon met mijn jong­ste zoon. Die stond op een nacht ineens naast mijn bed, met een ongelukkige blik in zijn ogen. "Papa, ik heb in mijn bed gekotst." Ik ken mijn pri­or­iteit­en, dus ik ging meteen aan de slag met hem troost­en, slok­je water geven, bed schoon­mak­en. Maar ergens in mijn achter­hoofd zat een stem­met­je dat eigen­lijk had willen zeggen, "Weet je, 'kot­sen' is een beet­je lelijk, zeg maar liev­er..." Maar ja, drie uur 's nachts is geen moment om een ziek kind de finess­es van de Ned­er­landse taal bij te bren­gen, dus ik hield wijselijk mijn mond.

Lees verder Puken

Bakkie

Sinds kort staat er in de gang waar mijn werk­plek tege­naan schurkt een nieuwe koffieau­tomaat. Nou ben ik geen grote koffiedrinker, maar een cap­puc­ci­noot­je zo nu en dan gaat er wel in. (Maf woord, "cap­puc­ci­noot­je", alsof je naast de cashewnoot ook de cap­puc­ci­noot hebt — die kan ik beter niet meer gebruiken...)

De hogere cappuccinokunst
De hogere cap­puc­ci­nokun­st

Om de verd­waas­de ocht­end­mens op weg te helpen, heeft een vrien­delijke meneer bij Douwe Egberts een fijn stick­ert­je op de automaat geplaatst, onder het elek­tro­n­is­che dis­play, dat uitlegt wat je moet doen. In drie stap­pen.

Lees verder Bakkie

Koekje van eigen deeg

Dit is is geen taal­col­umn zoals gebruike­lijk, maar meer een over­peinz­ing. Ik heb namelijk – dat zal aan veel taalei­do­scopis­ten niet onopge­merkt voor­bij zijn gegaan – onlangs een boek­je uit­gegeven. En dat is een bij­zon­dere gebeurte­nis; zo’n boek is toch wel een beet­je je baby. Je hoopt dat het gezond ter wereld komt en dat het de kleine verder goed ver­gaat.

Met dat laat­ste zit het wel snor, want gelukkig zijn alle lez­ers tot dusver blij met mijn oogap­pelt­je. Maar toch is niet alles wel, want de pas­ge­borene heeft een paar moed­ervlek­jes die er niet horen te zit­ten. Fouten. Dat kan natu­urlijk alti­jd gebeuren, maar er zijn er ook een paar in de cat­e­gorie d/t, en dat is natu­urlijk wel wat gênant voor iemand die geacht wordt beter te weten.

Oeps...
Oeps...

Lees verder Koek­je van eigen deeg

Verstoppertje

Nou kijk, ik gebruik dus echt nooit stop­wo­ord­jes. Want het is dus zo, dat die echt hele­maal over­bod­ig zijn, weet je? Ik bedoel, je hebt van die mensen, weet je wel, die eigen­lijk echt om de haverk­lap van die woord­jes gebruiken, je weet wel, van die woord­jes die niks toevoe­gen aan wat je zegt. Dus.

Afi­jn, je begri­jpt denk ik wel wat ik dus bedoel. Ja? Ik bedoel, ik had het er gis­ter nog met mijn zwa­ger over, gewoon bij de lunch, en toen zei ik, ik zeg, oké, ik zeg weet je, die stop­wo­ord­jes hè, dat klopt eigen­lijk voor geen meter. Die naam dus. Stop-woord­jes. Ja?

STOP!!
STOP!!

Lees verder Ver­stop­pert­je

Walnotenpesto

Begri­jp me goed. Ik ben goede vriend­jes met Albert Hei­jn. Ik doe er elke week trouw mijn bood­schap­pen en ik vind het een fijne winkel. En ik ben ook goede vriend­jes met de Aller­Hande, het lijf­blad van ’s lands groot­ste kruide­nier.

Boerenkost
Boerenkost

Niets ten nadele van de glob­alis­er­ing, want die hou je toch niet tegen, maar… ik dicht de Aller­Hande toch een belan­grijke rol toe in de culi­naire eman­ci­patie van het Ned­er­landse volk. Het is nog niet eens zó lang gele­den dat voor de gemid­delde Hol­landse huisvrouw een papri­ka een nogal exo­tis­che groente was, en dat ze nog nooit geho­ord had van cous­cous of gua­camole.

Albert Hei­jn heeft, met groot geduld en met de Aller­Hande als stri­jdzwaard, het pold­er­volk opgevoed om meer te eten dan alleen stamp­pot en erwten­soep. (Daar is overi­gens niets nobels aan: de Konin­klijke Ahold N.V. wilde ons alleen maar meer ver­schil­lende pro­ducten kun­nen verkopen, om zo meer winst te mak­en.)

Lees verder Wal­noten­pesto