TVDW: Afleiding

De taalterm van deze week, afleiding, is niet bijster origineel. Daar staat dan wel weer tegenover dat hij heel flexibel is. Als een soort taaltovenaar trekt hij allerlei ideeën uit zijn hoed die direct herkenbaar zijn, maar toch steeds weer een andere twist hebben.

Definitie

Een afleiding is een woord dat afgeleid is van een ander woord door daar ten minste één gebonden morfeem aan toe te voegen.

Dat klinkt nogal technisch, maar het doet er wel degelijk toe. Een gebonden morfeem is een woorddeel dat niet op zichzelf kan staan, zoals een voorvoegsel of achtervoegsel.

Combineer je een zelfstandig woord (een zogenaamd “vrij morfeem”) met een andere term die óók op zichzelf kan staan, dan krijg je een samenstelling, zoals kop + telefoon = koptelefoon. Dat is geen afleiding.

Maar combineer je datzelfde woord met een achtervoegsel zoals -ig, dan krijg je wel een afleiding: koppig.

Voorbeelden

  • De luie leerling keek schaapachtig naar de docent.
  • Op de snelweg moet je op tijd voorsorteren.
  • Bij natuurkunde hebben we het nu over verbranding.

Ten overvloede: de gebonden morfemen die in deze zinnen aan een grondwoord zijn toegevoegd zijn: ‑achtig, voor-, ver- en -ing.

Etymologie

Een afgeleide term is een woord dat “een stap verwijderd” is van het grondwoord, en dat zie je terug in de etymologie:

  • af (weg) + leiden (voeren)

Weetje

Een ander woord voor afleiding is de vakterm derivatie.

Wat vind jij?