Taalterm van de week: Isocolon

De taal­term van deze week, iso­colon, is niet graag alleen. Hij omringt zich liev­er met vrien­den die op hem lijken. Maar niet te veel! Hij wil niet in de spiegel kijken; dan wordt het saai. Nee, ze moeten nét even anders zijn dan hij zelf, en dan kan het feest beginnen.

Verder lezen Taal­term van de week: Isocolon

Taalterm van de week: Antithese

De taal­term van deze week, antithese, ver­keert graag in goed gezelschap. Maar hij stelt wel zo zijn eisen. Want woor­den die pre­cies op hem lijken, daar heeft hij een broert­je dood aan. Nee, hij spart het lief­st samen met vrien­den die hele­maal anders zijn dan hij zelf.

Verder lezen Taal­term van de week: Antithese

Taalterm van de week: Paraprosdokian

De taal­term van deze week, para­pros­dokian, is heel geduldig. Hij bewaart het beste steev­ast tot het eind. Want als je iets goeds onder de pet hebt, moet je daar vooral niet mee te koop lopen. Wacht tot het juiste moment, zegt hij, dan kri­jg je dubbel succes.

Verder lezen Taal­term van de week: Paraprosdokian

Taalterm van de week: Parallellisme

De taal­term van deze week, par­al­lel­lisme, is niet wars van een beet­je effect­be­jag. Als iets goed werkt, zegt hij, doe het dan gewoon nog een keer. Want als je gelijk hebt, heb je gelijk; en dat mag je er best een beet­je inhameren.

Verder lezen Taal­term van de week: Parallellisme