De eeuwenoude pijn van Lorem ipsum

Lorem ipsum, daar gaat dit taalver­haal over. Als je aan die twee woor­den genoeg hebt om te weten wat dat betekent, bra­vo! Voor de rest vol­gt eerst nog een kort aan­loop­je.

Als een tekst gepub­liceerd wordt – of dat nou is als boek of web­site, als brochure of tijd­schrift – kri­jgt hij bij­na alti­jd een opmaak. Dat betekent dat iemand, los van de inhoud van de tekst, nagedacht heeft over hoe die tekst eruit moet zien. Vaak wordt die opmaak al voor­bereid nog voor­dat de defin­i­tieve tekst beschik­baar is. Maar ja, wat vul je dan als design­er in op de plaats waar die ont­brek­ende woor­den nog moeten komen?

Het antwo­ord is: opvul­tekst. Dum­mytekst. Een serie woor­den die het ontwerp eruit lat­en zien alsof de echte tekst er al is. Maar je moet natu­urlijk niet ver­geten om die tijdelijke tekst weer te ver­wi­jderen, en daarom gebruiken ontwer­pers vaak non­sen­stekst, zodat hij makke­lijk te herken­nen is.

Goed. “Lorem ipsum”, dat is zo’n serie non­senswo­or­den. Hier zie je een voor­beeld, uit een sjabloon van een mod­erne tek­stver­w­erk­er. De opmaak is hele­maal kant en klaar, alleen de echte tekst ont­breekt nog.

Wel opmaak, geen tekst
Wel opmaak, geen tekst

Je ziet de woor­den lorem ipsum hier al in terugkomen. De naam komt dan ook van de eerste twee woor­den in een vul­tekst die al jaren veel gebruikt wordt. Die begint vaak zo:

Lorem ipsum dolor sit amet, con­secte­tur adip­isc­ing elit, sed do eius­mod tem­por inci­didunt ut labore et dolore magna ali­qua. Ut enim ad min­im veni­am, quis nos­trud exerci­ta­tion ullam­co laboris nisi ut aliquip ex ea com­mo­do con­se­quat. (…)

Er zijn veel vari­aties op deze neptekst, maar de meeste begin­nen met dezelfde twee woor­den: lorem en ipsum. Dat is voor een deel uit gewoonte, maar het is ook nut­tig. Je kunt zo meteen zien of een blok tekst uit dum­my­wo­or­den bestaat of niet, zon­der verder te hoeven lezen.

De herkomst van lorem ipsum

Lorem ipsum-tek­sten gaan al heel lang mee – vanaf de vroege 16e eeuw, vol­gens som­mige bron­nen. En, dat was je vast opgevallen, het lijkt wel Lati­jn. Die bei­de feit­en zijn niet toe­val­lig.

Allereerst de leefti­jd. Voor pak­weg 1450 zul je in Europa niet snel een dum­mytekst tegenkomen, sim­pel­weg omdat er toen nog geen boek­drukkun­st was. Er waren wel boeken (vooral bij­bels), maar die wer­den let­ter voor let­ter met de hand gekopieerd door noeste mon­niken. Zo’n mon­nik of klerk was een hoogopgelei­de en waarde­volle kracht – de meeste mensen waren immers ongelet­terd – dus die zette je niet dagen­lang aan het werk om een boek vol te schri­jven met onz­in­tekst. Pas met de komst van de drukpers kon men werken aan de opmaak van een boek of pam­flet, en ook een proef­druk mak­en, zon­der dat de echte tekst al klaar was.

Dan de taal. In diezelfde tijd was het Lati­jn de voer­taal van de kerk en van geleer­den, dus het is niet vreemd dat veel gedruk­te werken tek­sten in het Lati­jn bevat­ten. Daar­naast werd er vaak ook neergekeken op de “gewone­mensen­tal­en” die men bezigde in het dagelijks lev­en (lees: de tal­en die zich zouden ontwikke­len tot het Duits, Frans, Ned­er­lands etc. dat we van­daag ken­nen). Dus het is niet vreemd dat, toen de vraag naar een dum­mytekst zich voordeed, het Lati­jn al klaarstond als hoflever­anci­er van non­senswo­or­den.

Hoezo nonsens?

Maar wacht even! De woor­den­reeks lorem ipsum bestaat niet hele­maal uit onz­in­wo­or­den.

Dat werd wel lang gedacht, maar tegen het einde van de 20e eeuw toonde Richard McClin­tock (een weten­schap­per aan het Ham­p­den-Syd­ney Col­lege in Vir­ginia in de Verenigde Stat­en) aan dat deze reeks woor­den ontleend was aan een klassieke bron: alinea’s 1.10.32-33 van De finibus bono­rum et mal­o­rum (“Over het hoog­ste goed en het groot­ste kwaad”), een trak­taat van de Romeinse politi­cus en filosoof Mar­cus Tul­lius Cicero.

Cicero
Buste van Cicero in de Musei Capi­toli­ni

Kijk maar, zo begint de rel­e­vante pas­sage uit de tekst van Cicero:

Neque por­ro quisquam est qui dolorem ipsum quia dolor sit amet con­secte­tur adip­is­ci velit (…)

Je ziet het. Ze hebben hier en daar wat woor­den of let­ters wegge­lat­en, maar de bron is nog duidelijk herken­baar. De orig­inele zin­snede betekent trouwens: “Er is nie­mand die van de pijn zelf houdt, hem najaagt of ernaar ver­langt, sim­pel­weg omdat het pijn is”.

Dolorem ipsum betekent dus: de pijn zelf.

Twee kleine terzijdes

Sta er even bij stil dat toen de eerste lorem ipsum-tek­sten gemaakt wer­den, Cicero al meer dan 1500 jaar dood was. Toch is het niet toe­val­lig dat deze vroege drukkers bij hem uitk­wa­men. In Cicero’s tijd was het Grieks de “hoge” taal van dichters en geleer­den, en werd het Lati­jn gezien als gewone­mensen­taal. (Je ziet, het kan verk­eren; een taal is ook maar een mens.) Het was Cicero die in al zijn geschriften steeds probeerde om het Lati­jn te ver­hef­fen naar het niveau van het nobele Griekse voor­beeld, en zijn vernieuwin­gen en sti­jl zijn nog eeuwen­lang dom­i­nant gebleven in de verdere vorm­ing van het Lati­jn.

Sta er ook even bij stil dat als we van­daag zouden besluiten om een tekst van Cicero als opvul­tekst te gebruiken, we die in bij­na alle gevallen gewoon kon­den copy-pas­ten, zon­der eraan te knut­se­len om hem te ver­vor­men. Want: de ontwer­pers die zo’n tekst anno 2015 zouden tegenkomen lezen geen Lati­jn – ten­z­ij ze toe­val­lig een klassieke oplei­d­ing hebben genoten. Van­daag de dag is er dus in deze con­text geen func­tion­eel onder­scheid tussen echt Lati­jn en pot­jes­lati­jn, maar in de vroege 16e eeuw was dat heel anders. Van­daar dat lorem ipsum geen echte tekst is, maar een soort geman­gelde Franken-Cicero.

Hoe komt lorem ipsum aan zijn spierballen?

Even een stap­je terug. Er zijn natu­urlijk ontel­baar veel onz­in­tek­sten die design­ers kun­nen gebruiken als vul­tekst. Je hoeft geen leen­t­je­bu­ur te spe­len bij een Romeinse filosoof. Maar inmid­dels is lorem ipsum de dom­i­nante dum­mytekst, en dat hebben we gro­ten­deels te danken aan de goede lieden bij Aldus Cor­po­ra­tion, een Amerikaans soft­warebedri­jf.

Aldus bracht in 1985 het opmaakpro­gram­ma Page­Mak­er uit. Dit luid­de het tijd­perk van desk­top pub­lish­ing (DTP) in, al zou het lat­er ont­troond wor­den door con­cur­rent  QuarkX­Press, wat op zijn beurt weer ont­troond zou wor­den door InDe­sign, een pro­gram­ma van soft­ware­fab­rikant Adobe, dat – toe­val of niet? – in 1994 Aldus Cor­po­ra­tion had overgenomen. En zo is het cirkelt­je weer rond.

Tja, wat zet je op zo'n plank?
Wat zet je op zo'n plank?

Waarom is dit alle­maal belan­grijk? Omdat in Page­Mak­er een knop­je zat waarmee je in een oog­wenk hele lap­pen lorem ipsum kon gener­eren. Zo is er een gen­er­atie ontwer­pers opge­groeid met nep-Cicero (vaak zon­der dat ze dat wis­ten!), en was de bli­jvende voor­sprong op andere dum­mytek­sten een feit.

Alternatieven

Dit alles wil niet zeggen dat er geen andere non­sensvulling bestaat. Sterk­er nog, er zijn vele web­sites die niets anders doen dan een vari­ant op lorem ipsum gener­eren met een spec­i­fiek the­ma. Voor­beelden zijn:

  • Bacon ipsum: Ground round cupim pork don­er ball tip. Sala­mi pas­tra­mi tongue jerky, shoul­der filet mignon tail spare ribs swine kevin short ribs rib­eye. Beef ribs jowl sir­loin beef kevin veni­son cupim tur­duck­en.
  • Hip­ster ipsum: Beard occu­py pop-up med­i­ta­tion leg­gings, church-key pick­led bit­ters skate­board eth­i­cal 90's bicy­cle rights food truck street art dream­catch­er. Wolf migas trust fund meg­gings cold-pressed.
  • Liquor ipsum: Irish cof­fee colom­bia bac­ar­di ketel one old mr. boston prince of wales leite de onça. Mac­duff piña cola­da par­a­lyz­er gold­en dou­blet gin fizz cher­ry her­ring flam­ing vol­cano.
  • Veg­gie ipsum: Beet­root water spinach okra water chest­nut rice­bean pea cat­sear cour­gette sum­mer purslane. Water spinach arugu­la pea tat­soi aubergine spring onion bush toma­to kale radic­chio turnip chico­ry sal­si­fy pea sprouts fava bean.

Maar je kunt ook naar deze lorem ipsum-gen­er­a­tor gaan voor een gezonde por­tie oud­er­wets non­sens-Lati­jn.

Wat vind jij?