TVDW: Homograaf

Deze week kijken we naar we een taal­term, homo­graaf, die je iets vertelt over hoe je twee (of meer) woor­den spelt en over hun beteke­nis.

Definitie

Een homo­graaf is een woord met pre­cies dezelfde schri­jfwi­jze als een ander woord, alleen dan met een andere beteke­nis. Dat gaat twee kan­ten op: die woor­den zijn dus homo­grafen van elka­ar.

Het Ned­er­lands kent trouwens nog een woord met dezelfde beteke­nis: homo­gram.

Voorbeelden

  • Ik boek een vakantie. / Welk boek lees je?
  • Het kan voorkomen dat je een prob­leem niet kunt voorkomen.
  • Hij eet een appel. Ik doe een appel op je medeleven. (meer hierover)

Etymologie

Het Engelse homo­graph dateert van 1873; in het Ned­er­lands is de term pas na 1950 gang­baar gewor­den.

De woord­de­len komen bei­de uit het Grieks:

  • homo- (dezelfde) + graphos (schri­jver, schrift)

Weetje

Het ene naslag­w­erk zegt dat “echte” homo­grafen ook in hun uit­spraak moeten ver­schillen (zodat alléén de spelling overeenkomt), maar andere weer niet. Ik houd het op het laat­ste.

Zie ook: homoniem en homo­foon.

Wat vind jij?