Een fijn persoon vs. een fijne persoon

In som­mige gevallen kun je de verbuigings‑e bij een bijvoeglijk naam­wo­ord weglat­en in com­bi­natie met het lid­wo­ord een. Dat is het ver­schil tussen “een fijne per­soon” en “een fijn per­soon”, of “een bril­jante schak­er” en “een bril­jant schak­er”, etc. Wan­neer kun je die -e weglat­en, en maakt dat nog iets uit voor de beteke­nis? We zoeken het uit!

Waar hebben we het over?

Even een stap­je terug: wan­neer komt die extra -e ook alweer ten tonele? (Dit wordt even een beet­je tech­nisch, maar houd vol; het is te doen.)

Je schrift die extra -e als het bijvoeglijk naam­wo­ord (a) voor een de-woord staat, of (b) voor een het-woord staat in com­bi­natie met het lid­wo­ord het of een aan­wi­jzend voor­naam­wo­ord (ditdat) – maar dan weer juist niet in com­bi­natie met het lid­wo­ord een. Staat het bijvoeglijk naam­wo­ord los, apart van het zelf­s­tandig naam­wo­ord waar het op slaat, dan ver­valt de -e.

Dus…

  • de/die/deze slimme detec­tive 
    (de-woord, bepaald lid­wo­ord, wel -e)
  • een slimme detec­tive 
    (de-woord, onbepaald lid­wo­ord, wel -e)
  • de detec­tive is slim 
    (staat apart, geen -e)
  • het/dat/dit kleine huis­je 
    (het-woord, bepaald lid­wo­ord, wel -e)
  • een klein huis­je 
    (het-woord, onbepaald lid­wo­ord, geen -e)
  • het huis­je is klein 
    (staat apart, geen -e)

Zoals je ziet, kri­jg je eigen­lijk bij­na alti­jd die -e erbij, ten­z­ij het bijvoeglijk naam­wo­ord los in de zin staat of het voor het-woord staat én je als lid­wo­ord een gebruikt.

Betekenis en gebruik

Oké, dan door naar onze lieve vriend, die fijne per­soon die ook een fijn per­soon is. Wat is het ver­schil in beteke­nis tussen die twee? Als je de -e weglaat, dan slaat het bijvoeglijk naam­wo­ord nog sterk­er op het geheel van de per­soon, al zijn karaktertrekken.

  • een fijne per­soon is dan een per­soon die toe­val­lig ook fijn is
  • een fijn per­soon is een per­soon die wezen­lijk, in zijn essen­tie, een fijn mens is

Voorbeelden 

Je ziet dit ver­schil nog duidelijk­er als je in plaats vaneen woord als per­soon of mens iemands beroep kiest als zelf­s­tand naamwoord.

  • een grote com­pon­ist is een com­pon­ist die toe­val­lig ook groot is
  • een groot com­pon­ist is iemand die als com­pon­ist een grootheid is

Nog een­t­je:

  • een slechte politi­cus is een politi­cus die toe­val­lig ook slecht is
  • een slecht politi­cus is iemand die als politi­cus slecht presteert   

Even opletten

Zo’n nuance in beteke­nis werkt overi­gens niet alti­jd even goed. Voel jij bijvoor­beeld een groot ver­schil tussen “een beroemde voet­baller” en “een beroemd voet­baller”? En in som­mige gevallen werkt het über­haupt niet. Kijk maar: “een goede moed­er” klinkt pri­ma, maar “een goed moed­er” is ron­duit raar (ter­wi­jl “een goed mens” weer wél kan).

Je zult dus een beet­je op gevoel moeten navigeren.

Weetje

Je zult het al gezien hebben aan alle voor­beelden: dit truc­je werkt alleen met zelf­s­tandi­ge naam­wo­or­den die een mens omschri­jven. Combi’s zoals “een mooi auto”, “een echt ver­be­ter­ing” of “een won­der­lijk geschiede­nis” zijn totaal niet levensvatbaar.

En: het werkt alleen met de-woor­den, omdat het-woor­den hun -e alti­jd ver­liezen in com­bi­natie met het lid­wo­ord een. Ga maar na: com­bi­naties als “een slimme kind” of “een lange meis­je” zijn ongram­mat­i­caal – ter­wi­jl het wel degelijk “het slimme kind” en “het lange meis­je” is, mét -e.

Abonneer
Laat het weten als er
guest
0 Comments
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties