De leukste letters van het alfabet

Van alle let­ters in het alfa­bet zijn de c en de x wel mijn favori­eten. Het zijn under­dogs: ze zijn eigen­lijk over­bod­ig voor de uit­spraak van het Ned­er­lands. De klanken die ze verte­gen­wo­ordi­gen kun­nen immers ook met de let­ters k en s gemaakt wor­den.

Als de spelling een uit­slui­tend func­tionele aan­gele­gen­heid was, dan zouden deze let­ters gedoemd zijn ten onder te gaan. Gelukkig houden we van de woor­den zoals we ze ken­nen. En gelukkig hebben we ook oog voor de afkomst, de ety­molo­gie van woor­den.

Bye bye, c en x

Toch hebben c en x wel wat klap­pen te ver­duren gekre­gen. Zo smaakt het woord seks niet echt naar meer; sex daar­ente­gen wel. Die x geeft het iets span­nends, iets exo­tisch. En ergens vind ik het ook jam­mer dat elek­triciteit en alle woor­den die daar­van zijn afgeleid met een k geschreven moeten wor­den. Elec­triciteit is zoveel mooier – maar dat kan mijn eigen eige­naardigheid zijn.

(Ik snap dat de k terugvo­ert op de Griekse orig­ine van dit woord, maar wij hebben de term via het Lati­jn en het Frans overgenomen, waar de c de norm is.) Gek trouwens dat ze die tweede c met rust hebben gelat­en. Miss­chien von­den de leden van het genootschap van spellingher­vorm­ers toch dat “elek­trisiteit” iets te ver ging.

Gimel

Als er één favori­ete let­ter moet zijn, dan is het de c. De ver­ste voor­lop­er daar­van is het Feni­cis­che sym­bool gimel, dat eruitzi­et als een rech­top­staande haak, met het uit­steek­sel naar links:

De gimel klonk als de g in gam­ba. De Grieken namen de klank over, maar her­noem­den de let­ter tot gam­ma. Dat werd de derde let­ter in het Griekse alfa­bet, de plaats die de c nu nog steeds inneemt. Zo zien de hoofdlet­ter en kleine let­ter gam­ma eruit:

De c maak­te nog een tussen­stop in het Etruskisch, waar hij ging klinken als k, voor­dat de Romeinen deze vorm over­na­men. Dit is de Etruskische c:

In het Lati­jn, ten slotte, ver­wierf de c zijn ken­merk­ende vorm en zijn tweede klank:

Tove­naar

De c is een beet­je een tove­naar: de ene keer klinkt hij als een k, de andere keer als een s. Maar die klankwis­sel­ing is niet willekeurig.

De c weet pre­cies wat hij doet, en zijn klank hangt af van de let­ter die na de c komt. Dat is zo in het Ned­er­lands en in de meeste andere tal­en waar het Lati­jn iets in de pap te brokke­len heeft gehad.

De regel is als vol­gt. Als de c wordt gevol­gd door een a, o of u, door een andere medek­link­er dan de h, of door niets (aan het eind van een woord), dan klinkt hij als een k. Denk aan woor­den als:

  • cabaret
  • cola
  • cultu­ur
  • crème
  • tic

Een c gevol­gd door een e of een i klinkt als een s. Denk aan woor­den als:

  • cent
  • citroen

Speciale deal

Met de h heeft de c een spe­ciale deal ges­loten: samen (ch) kun­nen ze maar lief­st vier ver­schil­lende klanken mak­en. Ze klinken óf als een “sj”, óf als een g, óf als een k, óf (bij som­mige buiten­landse woor­den) als een “tsj”. Voor­beelden:

  • choco­lade
  • chemie
  • chris­ten
  • chachacha
  • chips

Er is trouwens ook een bij­zon­dere verbin­te­nis tussen de ch en de x. De x is namelijk een let­ter-klankcom­bi­natie die de Romeinen hebben uit­gevon­den, op basis van de Griekse let­ter chi of khi (die als “X” geschreven werd).

Er zijn in de heden­daagse taal woor­den die het Lati­jn hebben overges­la­gen en die hun spelling op het Grieks baseren, zoals Chris­tus en het Engelse Christ­mas. Maar je ziet daar het Lati­jn weer wel opduiken in de afgeko­rte vorm X-mas.

Dubbelop

Er zijn ook woor­den waarin twee c’s naast elka­ar zit­ten. Omdat de c zelf een medek­link­er is, klinkt de eerste c dan gewoon als een k. Maar de klank van de tweede c hangt weer af van de let­ter die erop vol­gt. Net als bij de voor­beelden hier­boven.

Daarom klinkt de “cc” als een k met een s in bijvoor­beeld:

  • accent
  • accept­abel
  • accijns

En daarom klinkt de “cc” als een k (eigen­lijk twee k’s, maar dat ver­schil hoor je niet) in woor­den als:

  • accordeon
  • accu
  • accred­i­tatie

Kor­tom, de c is een van de meest veelz­i­jdi­ge let­ters in het alfa­bet. In het woord akko­ord, dat sinds 1995 met k’s gespeld wordt, kun je pri­ma toe met een goeie ouwe dubbele c. Net als in accorderen, dat zijn c’s gelukkig wel mocht behouden.

(Er zijn nog meer ver­wante woor­den waar­bij sinds de Nieuwe Spelling een c-spelling én een k-spelling incon­sis­tent zij aan zij bestaan. Denk aan lokaal en locatie.)

Wat vind jij?