Antiaanbakcontinent

Als je mensen vraagt om de continenten van de aarde op te noemen, is er een dat vaak vergeten wordt: de Zuidpool. Of, correcter: Antarctica. En als je mensen vraagt om Antarctica te spellen, is er vaak ook een letter die vergeten wordt: die eerste c. Dat is ook niet zo gek, want iedereen spreekt het uit als Ant-ar-tie-ka. Dus wat doe die c daar eigenlijk?

Antarctica
Antarctica

Om dat te snappen, moet je eerst even terug naar de eerste drie letters van Antarctica: Ant-. Die vervullen hier hetzelfde rol als in antecedent, antagonist en antiaanbaklaag. Het voorvoegsel ant- (of anti-) betekent: tegen, of tegenovergesteld aan.

Maar dan ben je er nog niet, waar waarvan is Antarctica dan het tegenovergestelde? Gelukkig ligt het antwoord daarop nogal voor de hand. De Zuidpool is de tegenhanger van de Noordpool. En inderdaad, Arctica is een naam voor het noordpoolgebied. In het Nederlands hoor je hem niet vaak, maar in het Engels ben je vast wel eens the Arctic tegengekomen, wat hetzelfde betekent.

Lees verder Antiaanbakcontinent

Beetje raar

Het is een beetje raar, maar er is een hbo-opleiding Oriëntaalse Talen en Communicatie. Je kunt cursussen volgen in oriëntaals buikdansen. In menige keuken worden oriëntaalse recepten bereid. En, zoals gezegd, dat is een beetje raar.

Want wat doet die s daar? Die s aan het eind van oriëntaals, die daar als een soort slungelende hangjongere niets loopt te doen. Ik bedoel: kijk nou naar het woord oriëntaal. Dat betekent precies hetzelfde, maar dan zonder die s.

Gebroederlijk bij elkaar
Gebroederlijk bij elkaar

Iets wat oriëntaal is, heeft te maken met de Oriënt, het Oosten. Of, met een paar meer dichterlijke woorden: het Ochtendland, de Levant. Daar waar de zon opkomt. De minder bekende evenknie daarvan is occidentaal: dat zijn dingen die te maken hebben met de Occident, het Westen – het Avondland, waar de zon ondergaat.

Lees verder Beetje raar

Grijs

In mijn nieuwe woonplaats, Amstelveen, werd ik uitgenodigd voor een officiële bijeenkomst voor nieuwe bewoners. Daarbij waren aanwezig: de burgemeester, de meeste wethouders, een handvol functionarissen en vele tientallen nieuwbakken stadsgenoten.

Deze bijeenkomt bleek onverwacht een klein taalfeest te zijn. Twee dingen zijn me in het bijzonder bijgebleven.

Het eerste was hoe robuust en krachtig én flexibel en plooibaar taal is. In Nederland zijn we zo sterk geneigd om te denken, en te oordelen, alsof er maar één juiste manier is om onze taal te bezigen. Er is één correcte spelling voor een term, één juiste vervoeging voor een werkwoord – er is maar één Nederlands.

Begrijp me niet verkeerd, ik snap terdege dat het voordelen heeft om een standaardtaal te hebben. En ik bepleit beslist niet dat ineens zomaar alles mag en kan. Maar je moet wel met beide benen in de echte wereld staan, en in die wereld zijn er meerdere Nederlandsen. Uit al die Nederlandsen is een amalgaam gesmeed dat we beschouwen als het algemeen aanvaarde, “foutloze” Nederlands. Maar dat is een keuze. En een momentopname.

Lees verder Grijs

Aaibaar

Het is wonderlijk hoe snel dingen op hun kop kunnen komen te staan. Vorige week zag ik in de krant een kop bij een artikel over de verjaardag van de draagbare cassettespeler: “Walkman (oer-iPod) bestaat dertig jaar”. Maar hoe lang is het geleden dat de iPod werd uitgelegd met termen als “de walkman van de 21ste eeuw”? Nog geen acht jaar.

Ah, de goeie oude tijd...
Ah, de goeie oude tijd…

In minder dan een decennium is ons begrip van kleine muziekspelers kennelijk gegaan van een iPod is een walkman, maar dan anders naar een walkman is een iPod, maar dan anders. In het eerste geval betekent “anders”: beter, geavanceerder. In het tweede geval betekent het: verouderd,  achterhaald.

Ik vind dit interessant, omdat het weerspiegelt hoe wij mensen in wezen luie, egocentrische wezens zijn.

Lees verder Aaibaar

Toetssteen

Nu de Tour de France weer voorbij is, begint in de wielersport het seizoen van de criteriums, zo hoor ik in zowat elk tv-journaal. Nou heb ik niet veel met wielrennen, maar dat woordje viel me toch wel op. Criteriums.

Daar win je geen criterium mee...
Daar win je geen criterium mee…

Wacht even… Datum, data. Museum, musea. En ook criterium, criteria – toch? Maar nee, iedereen heeft het consequent over “criteriums”. Kennelijk is dat in deze context helemaal aanvaardbaar, en het woordenboek bevestigt dit. Terwijl een zin als We gaan de resultaten op basis van twee verschillende criteriums beoordelen toch door de meeste mensen als incorrect zal worden gezien.

Van Dale geeft ook het woord criteria als meervoud van criterium in de zin van wielerronde, maar dat heb ik in de media nog niet gehoord. Kennelijk is het criterium, criteria = beoordelen en criterium, criteriums = fietsen.

Lees verder Toetssteen

Aan het ziekbed

Misschien doe ik wel veel te moeilijk. Misschien is er wel niets aan de hand, toch? Zou kunnen. Ja, ik maak me vast druk om niets.

Maar toch. Elke keer dat ik een zin zie of hoor langsflitsen waarin iemand zich ergens in moet bekwamen en daarvoor naar een “clinic” gestuurd wordt, denk ik… dat zeg je toch niet? Ik bedoel, dan gaat het van: Nee, Janine kan morgen niet komen, die is dan op taekwondoclinic. Of: Wilt u ook uw kaartspel verbeteren – kom dan naar onze klaverjasclinic.

Clinic?!? Bij een klaverjaskliniek denk ik aan een instituut voor de geestelijke gezondheidszorg waar mensen behandeld worden die de hele tijd compulsief-neurotisch kaarten moeten leggen. Zeg cursus. Zeg training. Zeg workshop. Zeg themadag. Zeg masterclass. Maar alsjeblieft, zeg geen “clinic”.

Zo ziet een golfclinic eruit – kennelijk
Zo ziet een golfclinic eruit – kennelijk

Lees verder Aan het ziekbed

Chimpansee

Een collega stapte op me af met een gezicht dat stond op 50% schaterlach en 50% verontwaardiging. En achteraf snap ik wel waarom.

In haar hand hield ze een formulier dat ging over een andere collega, die zich nog de ditjes en datjes van de Nederlandse taal en cultuur eigen aan het maken is. Het ogenschijnlijke doel van het gewraakte formulier was, denk ik, om een momentopname te maken van de voortgang van collega nummer twee op het nobele pad naar een volwaardig geïntegreerd polderlanderschap.

De instantie die dit allemaal bestiert is volgens mij het ministerie van WWI (Woning, Wijken en Integratie), en het zinnetje dat collega één op het formulier aanwees sprak al boekdelen over hun mentaliteit. Ik citeer: “Heeft de inburgeraar Nederlands gepraat?” En dan zo’n fijn ja/nee-blokje waar je je antwoord in kunt vullen.

Lees verder Chimpansee

Meneer Vandaal wacht op uitleg

Vorige maand heeft de wereld gespannen en geschokt gekeken naar Iran. Gek genoeg is een van de dingen die me is bijgebleven uit de berichtgeving rond de problematiek in Perzië een woord. Een woordvoerder van de Raad van Hoeders legde op tv uit hoe het westen schuldig was aan alle onlusten, chaos en vandalisme na de verkiezingen. Ik spreek geen Farsi, dus ik kon zonder ondertitels niet volgen wat hij zei – op één woord na, waarin duidelijk de klank wandal te horen was. Vandaal, dus.

Ik ben altijd geïntrigeerd door woorden die (bijna) hetzelfde zijn in talen die juist heel verschillend zijn. Die moeten wel dezelfde herkomst hebben. Ik wist wel dat vandaal te maken had met de volksstam van de Vandalen, maar ook niet veel meer dan dat. Tijd om te gaan snuffelen naar een nadere uitleg.

Lees verder Meneer Vandaal wacht op uitleg