TVDW: Morfeem

De taalterm van deze week, morfeem, is zoiets als een atoom of een molecuul. Of een LEGO-blokje. Soms heb je er aan eentje genoeg, maar meestal gebruik je er veel bij elkaar, want dat is veel leuker.

Definitie

Morfemen zijn de kleinste bouwstenen (“vormelementen”) in een taal die een woord betekenis kunnen geven. Een morfeem kan een heel woord zijn, maar ook een woorddeel.

Voorbeelden

In de zinnen hieronder zijn een paar morfemen onderstreept. Maar let op: de hele tekst bestaat eruit!

  • Bazaar’ en ‘sjaal’ zijn woorden die uit het Perzisch komen.
  • Denkt die leraar echt dat hij het zo goed uitgelegd heeft?
  • Is de snelle stijging van de huizenprijzen wel goed voor de woningmarkt?

Etymologie

Dit woord is in 1895 bedacht, in het Duits, door de taalkundige Jan Baudouin de Courtenay (1845-1929), op basis van een Grieks bronwoord:

  • morphe (vorm) + -eem (suffix bij een – meestal taalkundige – eenheid)

Weetje

Een vrij morfeem is een woord dat in zijn eentje een betekenisgevend vormelement is (bijvoorbeeld: aarzel).

Gebonden morfemen komen alleen voor als toevoeging bij een ander woord, zoals een voorvoegsel of achtervoegsel (bijvoorbeeld: aarzelt of aarzeling).

Wat vind jij?