Die vs. dat

Is het “Die boekomslag is veel mooier” of “Dat boekomslag is veel mooier”? Om dat de weten, moet je eerst vragen of het de omslag is of het omslag. Weet jij welke vorm “correct” is?

Waar hebben we het over?

Het Nederlands kent één onbepaald lidwoord (een) en twee bepaalde lidwoorden: de en het. Die laatste hebben elk hun eigen bijbehorende voornaamwoorden.

Betekenis en gebruik

  • Die is het aanwijzend voornaamwoord dat hoort bij het lidwoord de.
  • Dat is het aanwijzend voornaamwoord dat hoort bij het lidwoord het.

Oftewel: als je wijst naar een muis (de-woord), dan zeg je: “Die muis”; en als je wijst naar een huis (het-woord), dan zeg je: “Dat huis”.

Voor de volledigheid…  je ziet hetzelfde gebeuren bij de aanwijzende voornaamwoorden deze en dit.

Voorbeelden

  • Heb je die grote rommel al gezien in Liekes kamer? [want: de rommel]
  • Ik zag dat probleem vorig jaar al aankomen. [want: het probleem]

Even opletten

Er zijn woorden (zoals omslag, dat je aan het begin van deze TaalTip al tegenkwam) waarbij je zowel de als het mag gebruiken als lidwoord. In die gevallen kan je dus ook kiezen voor zowel die als dat – als je maar wel consequent blijft!

  • Wie heeft die/dat label op deze broek gespeld?
  • Ik vind die/dat matras helemaal niet lekker slapen.

In veel gevallen zul je bij deze woorden merken dat je een voorkeur hebt voor de ene of de andere vorm. Als je bijvoorbeeld niet kunt kiezen tussen de luipaard en het luipaard, probeer het dan eens met die luipaard en dat luipaard – vind je een van die twee “beter” klinken? Hoe dan ook, ze zijn allebei goed!

Weetje

In sommige gevallen verandert een woord van betekenis als je switcht van de naar het. Denk maar aan de pad en het pad. Dan zie je dus ook dat die pad en dat pad twee verschillende dingen betekenen.

Wat vind jij?